steve jobs

Vorige week bevond ik me voor het eerst in tijden op Amsterdam CS en voelde drang om de stad te verlaten. De wandeling door de Jordaan eindigde op een sprookjesachtige locatie, waar ik het feest met notabelen voortijdig verliet.

Het meisje achter de kassa pakte het boek geduldig en met aandacht in. De twee vrouwen voor mij bedankten haar en ontweken de ongeduldige rij. Het was een mooi pakje. Ze zocht wat onhandig naar een boekenlegger en deed me denken aan Bridget Jones. “Niet echt in de kleur van apple”, zei ze met de frisheid van Granny Smith en gelukkig had ik voor de biografie van Steve Jobs geen kadopapier nodig. Ik wilde lezen. De stad nodigt uit om de aandacht ergens anders op te richten. Dat kon Jobs als geen ander.

Het boek, een slordige zeshonderd pagina’s las ik in korte tijd uit, voor zover het niet werd onderbroken door luiers verwisselen, verhaaltjes voorlezen, werken en slapen. Van Jobs werd gezegd, dat hij altijd zichzelf was. Dat lijkt me een misvatting. Jezelf verliezen in streven naar perfectie, dat is ook een vorm van sterven. Steve Jobs was geadopteerd en gaf zichzelf bij zijn leven al weg. Streven en sterven. Meer is het niet. Minderen kan altijd nog.

 

 

 

vergeet de ‘boobies’ op zondag

Zondagsrust is relatief. Bank. Krant. Koffie. Zeven, zes en twee, die de adrenaline arena van pakjesavond verruild hebben voor het spel, dat hen beter past.

Het is Eva Jinek, die mijn ego wakker schudt. In een ijskoud decor waar de bank met gasten op ongemakkelijk grote afstand is geplaatst, transformeert ze de fysieke meters in lichtjaren. Angst vermomd als ambitie maakt mensen lelijk en beeldvorming belangrijker dan interesse.

In de volkskrant brengt Frank Koenegracht, psychiater/dichter me weer in de geïdealiseerde zondagse gemoedstoestand : epigram.

De opening van VPRO’s vrije geluiden beneemt me de adem. Geluid neemt het over van beeld. Ngo Hong Quang.

Daarna wordt de ruimte langzaamaan gevuld met sinterklaas, speculaas en hoogrode konen.

Vanmiddag mijmeren over de sterfelijkheid van Sven Kramer.

 

 

 

 

 

 

 

Eclaron 2011

Eén van de mooiste momenten van deze vakantie. Op een kleinschalige camping gelegen aan het grootste kunstmatige meer van Frankrijk; het Lac du Der (meer van de eik). Met mooi weer, een klein zwembad en genoeg speelvriendinnetjes voor de meisjes ontpopte onze expeditie zich al boven de verwachting, die ons afgelopen jaren richting Center Parcs had gedreven. Erg leuk voor de kinderen, maar zelf kwam ik er nooit helemaal onbesmeurd van terug. Acteur in een liefdeloos format.

De autorit met de van mijn zus geleende auto (onze eigen minimalistische voiture leek ons een te grote uitdaging) was prima gegaan en de stacaravan was omheind door een houten hek, dat voor tweejaar een niet vanzelfsprekend te nemen horde was. Sinds januari had ik geen weekje vrij meer gehad en vond mijzelf nu horizontaal terug achter een verborgen geschiedenis van Donna Tartt, dat ik thuis van het stof had ontdaan. Zevenjaar kwam langs met een versteende pad en keek er treurig en plechtig bij. Een uitvaartondernemer kon er een puntje aan zuigen. Een tiental meter verderop werd hij creatief begraven onder kiezeltjes en veertjes. Een monument.

hier ligt mevrouw pad

Vanachter mijn boek riep ik naar haar, dat er dan ook op zijn minst enkele woorden gesproken dienden te worden ter voltooiing van het ritueel. Ze aarzelde niet. De speelvriendinnetjes vouwden vroom de handjes.

hier ligt mevrouw pad

ze was het leven zat

ze vond het echt niet leuk

ze had overal jeuk

ze werd plots overreden

eindelijk tevreden

Het luieren, het zwemmen, het lekkere eten.

Het is zo vergeten.

Edwin van der Sar

 

Edwin van der Sar stond op de middenstip en dankte uiteindelijk ook nog alle mensen van het geluid. Ik meende een massaal gegniffel te horen in de nokvolle Arena. Jack deed de veldinterviews en de camera keek recht langs zijn glimmende knikker in de ogen van Dennis. Ik vroeg me af of alle geniale voetballers een beetje loensen. Johan heeft het. Marco. De ogen van Edwin loeren ook niet helemaal symmetrisch de wereld in. Alsof ze voortdurend gericht zijn op de bal, die een paar meter achter de vragensteller ligt. Focus. Ik bedacht, dat het prikkend gevoel in mijn ogen paste bij het voetbalafscheid van Edwin. Was van der Sar administrateur van een middelgrote kantoorartikelenzaak geweest, dan was dit ons onthouden gebleven. De rationele rechtvaardiging voor de ontroering vond ik in het idee, dat die nuchtere, bescheiden, trouwe en hardwerkende familieman zoveel handen op elkaar kreeg. Je achtertuin schoon houden. Dat is nog een hele kunst.

in ’t berkebosch

Een open einde. Daar hou ik wel van. Maar hier twijfel ik.

We waren niet op de fiets en besloten een andere weg in te slaan, waar…

….we in alle rust de verbeelding lieten komen

ons schuldenplafond verlaagden

en luisterden naar elkaar

en dachten aan dat

waar we geen twijfel

over hebben